Betekenis van:
afgaan

afgaan
Werkwoord
  • geheel, allemaal langsgaan
"de rij afgaan"

Hyperoniemen

afgaan
Werkwoord
  • iets op de genoemde manier doen
"iemand goed/slecht afgaan"

Hyperoniemen

afgaan
Werkwoord
  • weggaan
"van zijn vrouw afgaan"
"van het toneel afgaan"

Hyperoniemen

afgaan
Werkwoord
  • zich naar beneden begeven
"de berg afgaan"

Synoniemen

Hyperoniemen

afgaan
Werkwoord
  • regelrecht afgaan op
"afgaan op"
"recht op zijn doel afgaan"

Synoniemen

Hyperoniemen

afgaan
Werkwoord
  • geleidelijk verdwijnen uit, van iets

Hyperoniemen

Hyponiemen

afgaan
Werkwoord
  • naar beneden gaan
afgaan
Werkwoord
  • afgeschoten worden
afgaan
Werkwoord
  • een slechte indruk nalaten
Afgaan
Zelfstandig naamwoord
  • inwoner Afghanistan

Synoniemen

Hyperoniemen