Betekenis van:
bijstand

bijstand
Zelfstandig naamwoord
  • ''in algemene zin'': geboden hulp
"Met bijstand van het buurland wist men de vijand het hoofd te bieden."
bijstand
Zelfstandig naamwoord
  • een aan iemand die geen inkomen heeft van staatswege geboden basisuitkering
"Hij moet van de bijstand zien rond te komen."
bijstand (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • het samenwerken aan iets; hulp; hulp; het helpen; zorg voor mensen in nood
"iemand bijstand verlenen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bijstand (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • uitkering
"in de bijstand [zitten/terechtkomen]"
"bijstand trekken"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bijstand (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • uitkeringsinstantie

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Tijdelijke bijstand
  2. Communautaire bijstand
  3. WEDERZIJDSE BIJSTAND
  4. Wederzijdse bijstand
  5. Wederzijdse bijstand
  6. ADMINISTRATIEVE BIJSTAND
  7. Totaal E Technische bijstand
  8. verlening van technische bijstand;
  9. Bijstand op verzoek
  10. Bijstand van Eurocontrol
  11. rechtsbijstand en taalkundige bijstand;
  12. RAMPENPLANNEN EN WEDERZIJDSE BIJSTAND
  13. Bescherming en bijstand
  14. 5 TECHNISCHE BIJSTAND
  15. Toekenning van EEPR-bijstand