Betekenis van:
entree

entree
Zelfstandig naamwoord
  • ingang van een gebouw
"De entree was links om de hoek van het gebouw."
entree (de/het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • entree; feestelijke binnenkomst; wijze van intreden
"[zijn] entree maken"
"een flitsende entree"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

entree (de/het ~ | meervoud entrees)
Zelfstandig naamwoord
  • toegang tot een gebouw; plaats van ingang; entreemogelijkheid
"de entree tot [het theater/feestterrein]"
"de oostelijke entree van het dorp"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

entree (de/het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • te betalen bedrag voor toegang; toegangsprijs; recht op toegang
"entree hebben tot [een bestand/zaal/gebouw]"
"entree betalen"

Synoniemen

Hyperoniemen

entree (de/het ~ | meervoud entrees)
Zelfstandig naamwoord
  • eerste dans v.d. avond

Hyperoniemen

entree
Zelfstandig naamwoord
  • mogelijkheid, verlof om ergens heen te gaan; plaats waar je ergens binnengaat

Synoniemen

Hyperoniemen