Betekenis van:
gebied

gebied (het ~ | meervoud gebieden)
Zelfstandig naamwoord
  • bepaald stuk grond
"onontgonnen gebied"
"achtergebleven/onderontwikkeld gebied"

Hyperoniemen

Hyponiemen

gebied
Zelfstandig naamwoord
  • een deel van het aardoppervlak
"Het gebied tussen twee huizen."
gebied
Zelfstandig naamwoord
  • alle dingen die behoren tot een tak van het onderwijs, de kunst en/of de wetenschap
"Het gebied van de wiskunde en aanverwante bètadisciplines."
gebied (het ~ | meervoud gebieden)
Zelfstandig naamwoord
  • macht; territorium
"het gebied van een vorst"
"het gebied der Nederlanden"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord