Betekenis van:
opsluiten

opsluiten
Werkwoord
  • vastzetten; opsluiten in een kooi; opsluiten
"een dier in een kooitje opsluiten"
"politieke tegenstanders opsluiten"

Synoniemen

Hyperoniemen

opsluiten
Werkwoord
  • iemand achter slot gevangen zetten
"Hij sloot de hond even op in de achterkamer."
opsluiten
Werkwoord
  • je terugtrekken; je verwijderen

Synoniemen

Hyperoniemen