Betekenis van:
rokken

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • kledingstuk voor vrouwen
"een wijde/strakke rok"
"een korte rok"

Hyperoniemen

Hyponiemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • schilachtig omhulsel van een bol
"De rokken van een ui."

Hyperoniemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • omhulsel van klei om buizen

Hyperoniemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • naam van een mythische vogel

Hyperoniemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • herenjas met panden; deftige zwarte herenjas; lange jas voor mannen
"heren in rok"
"in rok"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Korte rokken zijn niet meer in de mode.
  2. Rokken
  3. rokken en broekrokken
  4. Rokken en broekrokken, voor dames of voor meisjes
  5. Rokken en broekrokken voor dames of voor meisjes
  6. Rokken en broekrokken voor dames of meisjes (excl. gebreid of gehaakt)
  7. Rokken of broekrokken van brei- of haakwerk, voor dames of meisjes
  8. CPA 14.13.34: Japonnen, rokken en broekrokken van textielstoffen, andere dan van brei- of haakwerk, voor dames of voor meisjes
  9. Mantelpakken, broekpakken, ensembles, blazers en andere jasjes, japonnen, rokken, broekrokken, lange en korte broeken (andere dan zwembroeken) en zogenaamde Amerikaanse overalls, voor dames of voor meisjes
  10. Mantelpakken, broekpakken, ensembles, blazers en andere jasjes, japonnen, rokken, broekrokken, lange en korte broeken (andere dan zwembroeken) en zogenaamde Amerikaanse overalls, van brei- of haakwerk, voor dames of voor meisjes