Betekenis van:
vastzitten

vastzitten
Werkwoord
  • zo geplaatst zijn dat geen beweging mogelijk is
"vastzitten in een oorlogsgebied"
"vastzitten in een lift"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

vastzitten
Werkwoord
  • onbeweeglijk gehouden worden
"Die schroef zat erg vast, maar we hebben hem uiteindelijk toch losgekregen."
vastzitten
Werkwoord
  • opgesloten zitten; in de gevangenis straf ondergaan; gevangen zitten; gevangen zitten
"drie jaar vastzitten"
"vastzitten op verdenking van moord"

Synoniemen

Hyperoniemen

vastzitten
Werkwoord
  • in moeilijkheden zitten

Hyperoniemen