Betekenis van:
volbloed

volbloed (de ~ | meervoud volbloeden)
Zelfstandig naamwoord
  • paard v.e. zuiver ras; raspaard
"dit paard is een volbloed"

Synoniemen

Hyperoniemen

volbloed
Bijvoeglijk naamwoord
  • op-en-top

Synoniemen

Hyperoniemen

volbloed
Bijvoeglijk naamwoord
  • op-en-top; echt

Synoniemen

Hyperoniemen