Betekenis van:
voorschrijven

voorschrijven
Werkwoord
  • een schriftelijke opdracht geven
"Hij schreef hun dit voor."
voorschrijven
Werkwoord
  • commanderen; opdragen; gelasten; bevelen; laten nakomen; bevel geven; opdragen
"(een patiënt) een recept voorschrijven"
"iemand de wet voorschrijven"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen