Betekenis van:
weinig
weinig
Bijvoeglijk naamwoord
Synoniemen
Voorbeeldzinnen
- Ik heb weinig geld.
- Weinig mensen denken zo.
- Ze heeft weinig vrienden.
- Er is weinig melk in het glas.
- Een maand is te weinig tijd.
- We hebben weinig zonnige dagen gehad deze zomer.
- Er is weinig kans dat zij verkozen zal worden.
- Te weinig is net zo erg als te veel.
- Er waren toen nog maar weinig wegen in Noord-Amerika.
- Er zijn weinig sites in het Tataars op het internet.
- Weinig schatten zijn zoveel waard als een vriend.
- Velen zijn geroepen, slechts weinig uitverkoren
- En zo hing Dima's vriend uit zijn kindertijd zomaar op, Dima - net als daarvoor - met 99 kopeke te weinig achterlatend.
- Het probleem met de wereld is niet dat mensen te weinig weten, maar dat ze zoveel weten dat niet waar is.
- Moet dit een krentenbol zijn? Je moet haast fietsen van de ene krent naar de andere, zo weinig zitten er in.