Vertaling van devil

Inhoud:

Engels
Nederlands
devil {zn.}
duivel  [m]
droes [m]
drommel [m]
boze [m]
Tom doesn't know the difference between God and the Devil.
Tom weet het verschil niet tussen God en de Duivel.
He is caught between the devil and the deep blue sea.
Hij is gevangen tussen de duivel en de diepe blauwe zee.
Satan, beelzebub, devil, lucifer, old nick, prince of darkness, satan, the tempter {eigenn.}
Lucifer [m]
Satan [m]
Lucifer, beelzebub, devil, lucifer, old nick, prince of darkness, satan, the tempter {zn.}
Lucifer [m]
to annoy, to bother, to chafe, to devil, to get at, to get to, to gravel, to irritate, to nark, to nettle, to rag, to rile, to vex {ww.}
irriteren

I devil
you devil
we devil

ik irriteer
jij irriteert
wij irriteren
» meer vervoegingen van irriteren

to annoy, to bother, to chafe, to devil, to get at, to get to, to gravel, to irritate, to nark, to nettle, to rag, to rile, to vex {ww.}
storen
ergeren
vallen

I devil
you devil
we devil

ik stoor
jij stoort
wij storen
» meer vervoegingen van storen

May I bother you for a moment?
Mag ik je een moment storen?
I will play Sudoku then instead of continuing to bother you.
Dan ga ik wel Sudoku spelen, in plaats van jou nog verder te storen.
to annoy, to bother, to chafe, to devil, to get at, to get to, to gravel, to irritate, to nark, to nettle, to rag, to rile, to vex {ww.}
vervelen
etteren
rotzooien
sodemieteren
kloothannesen
lazerstralen
duveljagen
donderen
du(i)veljagen
duvelen
donderstralen
donderstenen
donderjagen
klooien
gallen
kloten
klieren

I devil
you devil
we devil

ik verveel
jij verveelt
wij vervelen
» meer vervoegingen van vervelen

daemon, daimon, demon, devil, fiend {zn.}
duivel [m] (de ~)
Boze [m] (de ~)
satan
morgenster
mefisto
lucifer
hellevorst
Satan
Mefisto
Beëlzebub
Yesterday I became a god, but found that a bit boring, so today I became a devil.
Gisteren werd ik een god, maar ik vond dat te vervelend, dus vandaag werd ik een duivel.
If we pay the rent to the landlady, we won't have any money for food; we are between the devil and the deep blue sea.
Als we de huur betalen aan de huiseigenares, zullen we geen geld meer hebben voor eten; we zitten tussen de duivel en de diepe blauwe zee.
daemon, daimon, demon, devil, fiend {zn.}
duivel
droes
demon [m] (de ~)
daemon, daimon, demon, devil, fiend {zn.}
Beëlzebub
Beëlzebul

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

The devil finds work for idle hands.

Ledigheid is des duivels oorkussen.

Tom doesn't know the difference between God and the Devil.

Tom weet het verschil niet tussen God en de Duivel.

He is caught between the devil and the deep blue sea.

Hij is gevangen tussen de duivel en de diepe blauwe zee.

Yesterday I became a god, but found that a bit boring, so today I became a devil.

Gisteren werd ik een god, maar ik vond dat te vervelend, dus vandaag werd ik een duivel.

If we pay the rent to the landlady, we won't have any money for food; we are between the devil and the deep blue sea.

Als we de huur betalen aan de huiseigenares, zullen we geen geld meer hebben voor eten; we zitten tussen de duivel en de diepe blauwe zee.