Vertaling van exhaust

Inhoud:

Engels
Nederlands
to exhaust, to use up {ww.}
putten uit
uitputten

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik put uit
jij put uit
wij putten uit
» meer vervoegingen van uitputten

to exhaust {ww.}
uitverkocht raken
uitgeput raken
to exhaust, to play out, to run down, to sap, to tire {ww.}
opgebruiken
opmaken
opdoen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik gebruik op
jij gebruikt op
wij gebruiken op
» meer vervoegingen van opgebruiken

to fag out, to fatigue, to jade, to overdrive, to override, to tire out, to exhaust {ww.}
afjakkeren
afmatten
afbeulen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik jakker af
jij jakkert af
wij jakkeren af
» meer vervoegingen van afjakkeren

to fag out, to jade, to overdrive, to override, to exhaust {ww.}
afjakkeren
afbeulen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik jakker af
jij jakkert af
wij jakkeren af
» meer vervoegingen van afjakkeren

to exhaust, to play out, to run down, to sap, to tire {ww.}
interen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik teer in
jij teert in
wij teren in
» meer vervoegingen van interen

exhaust, exhaust fumes, fumes {zn.}
benzinedamp [m] (de ~)
exhaust, exhaust system {zn.}
uitlaat [m] (de ~)
exhaust, exhaust fumes, fumes {zn.}
uitlaatgas [o] (het ~)
uitlaatgassen
exhaust, exhaust fumes, fumes {zn.}
uitwaseming [v] (de ~)
exhalatie
uitdamping
to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
afmatten
aftobben
afjakkeren

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik mat af
jij mat af
wij matten af
» meer vervoegingen van afmatten

to consume, to deplete, to eat, to eat up, to exhaust, to run through, to use up, to wipe out {ww.}
doorrennen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik ren door
jij rent door
wij rennen door
» meer vervoegingen van doorrennen

to consume, to deplete, to eat, to eat up, to exhaust, to run through, to use up, to wipe out {ww.}
verbranden
verbruiken

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik verbrand
jij verbrandt
wij verbranden
» meer vervoegingen van verbranden

to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
slopen
nekken
uitputten

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik sloop
jij sloopt
wij slopen
» meer vervoegingen van slopen

to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
afrennen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik ren af
jij rent af
wij rennen af
» meer vervoegingen van afrennen

to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
afgrazen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik graas af
jij graast af
wij grazen af
» meer vervoegingen van afgrazen

to consume, to deplete, to eat, to eat up, to exhaust, to run through, to use up, to wipe out {ww.}
uithollen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik hol uit
jij holt uit
wij hollen uit
» meer vervoegingen van uithollen

to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
onttrekken
uitmergelen
uitputten

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik onttrek
jij onttrekt
wij onttrekken
» meer vervoegingen van onttrekken

to beat, to exhaust, to tucker, to tucker out, to wash up {ww.}
afgrazen

I exhaust
you exhaust
we exhaust

ik graas af
jij graast af
wij grazen af
» meer vervoegingen van afgrazen



Gerelateerd aan exhaust

use up - play out - run down - sap - tire - fag out - fatigue - jade - overdrive - override - tire out - exhaust fumes - fumes - exhaust system - beatapply - pass - vapor - gas - physical process - fag - bear on - run - analyse - exhaust - crop - exhaust pipe