Vertaling van fret

Inhoud:

Engels
Nederlands
to fret, to fuss, to niggle {ww.}
kniezen

I fret
you fret
we fret

ik knies
jij kniest
wij kniezen
» meer vervoegingen van kniezen

to be anxious, to fret, to worry {ww.}
zich bezorgd maken
fret {zn.}
fret [m] (de ~)
collar, ferrule, fret {zn.}
rand
lijst 
to chafe, to fray, to fret, to rub, to scratch {ww.}
vezelen

I fret
you fret
we fret

ik vezel
jij vezelt
wij vezelen
» meer vervoegingen van vezelen

to eat away, to erode, to fret {ww.}
verweren

I fret
you fret
we fret

ik verweer
jij verweert
wij verweren
» meer vervoegingen van verweren

to eat away, to erode, to fret {ww.}
bijten

I fret
you fret
we fret

ik bijt
jij bijt
wij bijten
» meer vervoegingen van bijten

to eat away, to fret {ww.}
doorbijten

I fret
you fret
we fret

ik bijt door
jij bijt door
wij bijten door
» meer vervoegingen van doorbijten

to chafe, to fray, to fret, to rub, to scratch {ww.}
oplopen
aanlopen

I fret
you fret
we fret

ik loop op
jij loopt op
wij lopen op
» meer vervoegingen van oplopen

to eat away, to erode, to fret {ww.}
ondermijnen

I fret
you fret
we fret

ik ondermijn
jij ondermijnt
wij ondermijnen
» meer vervoegingen van ondermijnen


Gerelateerd aan fret

fuss - niggle - be anxious - worry - collar - ferrule - chafe - fray - rub - scratch - eat away - erodebrood - edge - apply - fag - harm - corrode - touch