Vertaling van handle

Inhoud:

Engels
Nederlands
to handle, to manipulate, to wield {ww.}
hanteren
manipuleren
omgaan met

I handle
you handle
we handle

ik hanteer
jij hanteert
wij hanteren
» meer vervoegingen van hanteren

to handle, to treat, to deal, to address, to process, to deal with {ww.}
behandelen 
onderhandelen

I handle
you handle
we handle

ik behandel
jij behandelt
wij behandelen
» meer vervoegingen van behandelen

Treat a decayed tooth.
Een aangetaste tand/kies behandelen.
handle, starting-handle {zn.}
slinger [m]
handle, knob {zn.}
gevest
knop [m]
handvat
heft 
hals  [m]
steel [m]
handle {zn.}
kruk 
hengsel
handvat
klink
oor 
handle, doorhandle {zn.}
kruk
deurkruk
to finger, to handle {ww.}
peuteren
pulken
vingeren

I handle
you handle
we handle

ik peuter
jij peutert
wij peuteren
» meer vervoegingen van peuteren

to treat, to address, to handle, to tackle {ww.}
behandelen 
verhandelen

I handle
you handle
we handle

ik behandel
jij behandelt
wij behandelen
» meer vervoegingen van behandelen

clapper, handle, lever, pendulum {zn.}
klepel
slinger [m]
zwengel
pole, rod, bar, handle, shaft, staff, stake, stave, spar {zn.}
baar  [v]
paal
spijl
pijp 
schacht
roede
stang

Gerelateerd aan handle

manipulate - wield - treat - deal - address - process - deal with - starting-handle - knob - doorhandle - finger - tackle - clapper - lever - pendulum