Vertaling van people

Inhoud:

Engels
Nederlands
people, persons {zn.}
mensen
personen
lieden
Hurt people hurt people.
Beschadigde mensen beschadigen mensen.
Guns don't kill people. People kill people.
Pistolen doden geen mensen. Mensen doden mensen.
people {zn.}
mensen
volk 
lui 
lieden
We are the people.
Wij zijn het volk.
Few people think so.
Weinig mensen denken zo.
one, they, you, people, we {onb. vnw.}
men
we
je
ze
folk, nation, people {zn.}
volk 
The people there are not so dumb.
Het volk daar is niet zo dom.
Religion is the opium of the people.
Religie is het opium van het volk.
clan, ethnic group, race, tribe, family, kin, kind, people, stock {zn.}
stam [m]
volksstam
geslacht  [o]
Europeans tried to civilize the tribe.
Europeanen probeerden de stam beschaving bij te brengen.


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Guns don't kill people. People kill people.

Pistolen doden geen mensen. Mensen doden mensen.

Few people think so.

Weinig mensen denken zo.

I see dead people.

Ik zie dode mensen.

People ought to work.

Mensen moeten werken.

We are the people.

Wij zijn het volk.

She likes humiliating people.

Zij vindt het leuk mensen te vernederen.

People call him Dave.

Mensen noemen hem Dave.

We are people.

Wij zijn mensen.

Good people die every day.

Er sterven dagelijks goede mensen.

Most people are right-handed.

De meeste mensen zijn rechtshandig.

Thousands of people were there.

Er waren duizenden mensen aanwezig.

Why do people commit suicide?

Waarom doden mensen zichzelf?

The recipe serves six people.

Het recept is genoeg voor zes mensen.

It's hard to get people to change.

Het is moeilijk om mensen te veranderen.

How many people are there in Europe?

Hoeveel mensen zijn er in Europa?


Gerelateerd aan people

persons - one - they - you - we - folk - nation - clan - ethnic group - race - tribe - family - kin - kind - stock