Vertaling van pick up

Inhoud:

Engels
Nederlands
to pick, to pluck, to tear off {ww.}
wegscheuren
afplukken
afrukken
plukken
afbreken 

I pick
you pick
we pick

ik scheur weg
jij scheurt weg
wij scheuren weg
» meer vervoegingen van wegscheuren

to pick, to stab, to sting, to pierce, to prick, to puncture, to pique, to stick {ww.}
pikken
steken
prikken 
priemen

I pick
you pick
we pick

ik pik
jij pikt
wij pikken
» meer vervoegingen van pikken

Don't forget to pick me up at 6 o'clock tomorrow.
Vergeet me niet op te pikken om zes uur morgenochtend.
to pick, to select {ww.}
selecteren

I pick
you pick
we pick

ik selecteer
jij selecteert
wij selecteren
» meer vervoegingen van selecteren

to pick, to pluck {ww.}
oprapen
plukken
afplukken
tokkelen

I pick
you pick
we pick

ik raap op
jij raapt op
wij rapen op
» meer vervoegingen van oprapen

to fetch, to get, to pick up, to bring {ww.}
halen
gaan halen
She asked her husband to go and fetch some milk.
Ze vroeg haar man om melk te gaan halen.
Go and fetch Tom.
Ga Tom halen.
to lay hold of, to pick up, to take, to get {ww.}
nemen 
vatten 
pakken
oprapen
aanvatten
You've got to take the bull by the horns!
Je moet de koe bij de horens vatten!
You must take the bull by the horns.
Je moet de koe bij de horens vatten.
to accelerate, to pick up {ww.}
versnellen
optrekken
to collect, to gather, to pick up, to assemble, to raise {ww.}
verzamelen 
rapen 
plukken
oogsten
inzamelen
innen
collecteren
You must gather further information.
Je moet meer informatie verzamelen.
They tried to collect wood from the forest.
Ze probeerden hout te verzamelen in het bos.
to meet, to pick up, to take up {ww.}
ophalen
komen halen
afhalen
to chum up, to pick up, to strike up an acquaintance {ww.}
contact zoeken
aanpappen
to choose, to elect, to pick out, to opt, to pick {ww.}
kiezen 
uitkiezen 
uitlezen
uitpikken
verkiezen
uitzoeken

I pick
you pick
we pick

ik kies
jij kiest
wij kiezen
» meer vervoegingen van kiezen


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Don't pick up the cat.

Pak die kat niet op.

The bus stopped to pick up passengers.

De bus stopte om passagiers in te laten stappen.

Where did you pick up your Italian?

Waar heeft u Italiaans geleerd?


Gerelateerd aan pick up

pick - pluck - tear off - stab - sting - pierce - prick - puncture - pique - stick - select - fetch - get - bring - lay hold of