Vertaling van plenty

Inhoud:

Engels
Nederlands
abundance, plenty, richness, affluence, wealth, fertility, prolificacy, rankness {zn.}
rijkdom
overvloed  [m]
abundantie [v]
rijkdommen
Despite all his wealth, he is stingy.
Ondanks al zijn rijkdom is hij toch gierig.
abundance, plenty, richness, affluence, wealth {zn.}
overvloed  [m]
weelde [m] (de ~)
abundantie [v]
luxe [m] (de ~)
batch, deal, flock, good deal, great deal, hatful, heap, lot, mass, mess, mickle, mint, mountain, muckle, passel, peck, pile, plenty, pot, quite a little, raft, sight, slew, spate, stack, tidy sum, wad {zn.}
bups [m] (de ~)
kluit
batch, deal, flock, good deal, great deal, hatful, heap, lot, mass, mess, mickle, mint, mountain, muckle, passel, peck, pile, plenty, pot, quite a little, raft, sight, slew, spate, stack, tidy sum, wad {zn.}
berg [m] (de ~)
hoop [m] (de ~)
boel [m] (de ~)
massa [m] (de ~)
bulk [m] (de ~)
bom
smak [m] (de ~)
pak [o] (het ~)
zwik [m] (de ~)
zooi [m] (de ~)
lading [v] (de ~)
bende [m] (de ~)
troep
stoot [m] (de ~)
stelletje
schep
sjees [m] (de ~)
vracht
veelheid [v] (de ~)
kwak
Look at this high mountain.
Bekijk deze hoge berg.
I go to the mountain.
Ik ga naar de berg.

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

There's still plenty that needs to be done.

Er moet nog veel gedaan worden.

We have had plenty of snow this year.

We hebben veel sneeuw gehad dit jaar.

He has plenty of money in the bank.

Hij heeft meer dan genoeg geld op de bank staan.


Gerelateerd aan plenty

abundance - richness - affluence - wealth - fertility - prolificacy - rankness - batch - deal - flock - good deal - great deal - hatful - heap - lotfund - abundance - amount