Vertaling van vessel

Inhoud:

Engels
Nederlands
vessel {zn.}
vat  [o]
ship, vessel {zn.}
schip  [o]
boot  [m]
vaartuig
Ship ahoy!
Schip ahoi!
The ship is sinking.
Het schip zinkt!
box, container, jug, vessel, bucket, can, case, bottle, crate, jar, pot, sack, chest, pail, tin, urn {zn.}
doos [v]
fles  [v]
pot  [m]
emmer 
vat  [o]
koker [m]
bak  [m]
korf [m]
kruik 
kist  [v]
foedraal [o]
krat  [o]
etui [o]
zak
urn
The bucket was full of water.
De emmer was vol water.
The pot calls the kettle black.
De pot verwijt de ketel.
blood vessel, vessel {zn.}
vat  [o]
vase, vessel {zn.}
vaas 
pot 
pul
vat  [o]
This vase is made of iron.
Deze vaas is van ijzer.
This broken vase can't be repaired.
Deze gebroken vaas kan niet gerepareerd worden.

Gerelateerd aan vessel

ship - box - container - jug - bucket - can - case - bottle - crate - jar - pot - sack - chest - pail - tin