Vertaling van aandrijven

Inhoud:

Nederlands
Engels
aandrijven, aanspoelen, aan wal gaan {ww.}
to be washed ashore
aandrijven {ww.}
to actuate
to drive 

ik zal aandrijven
jij zult aandrijven
hij/zij/het zal aandrijven

I will actuate
you will actuate
he/she/it will actuate
» meer vervoegingen van to actuate

aandrijven, aanspoelen {ww.}
to be washed ashore
drijven, aandrijven, opjagen, voortdrijven {ww.}
to actuate
to propel
to pursue
to shoo
to impel
to drive on
to drive 
to chase 

ik zal aandrijven
jij zult aandrijven
hij/zij/het zal aandrijven

I will actuate
you will actuate
he/she/it will actuate
» meer vervoegingen van to actuate

aandrijven {ww.}
to urge on
to press
to urge
to exhort

ik zal aandrijven
jij zult aandrijven
hij/zij/het zal aandrijven

I will press
you will press
he/she/it will press
» meer vervoegingen van to press

aandrijven, bewegen {ww.}
to propel
to impel

ik zal aandrijven
jij zult aandrijven
hij/zij/het zal aandrijven

I will propel
you will propel
he/she/it will propel
» meer vervoegingen van to propel

aansporen, aandrijven, aanmanen, aanporren, instigeren, manen, pramen, drijven, zetten, aanzetten, , aanjagen {ww.}
to urge on
to press
to urge
to exhort

ik zal aandrijven
jij zult aandrijven
hij/zij/het zal aandrijven

I will press
you will press
he/she/it will press
» meer vervoegingen van to press


Gerelateerd aan aandrijven

aanspoelen - aan wal gaan - drijven - opjagen - voortdrijven - bewegen - aansporen - aanmanen - aanporren - instigeren - manen - pramen - zetten - aanzetten - bewerken - beproeven - verroeren