Vertaling van klep

Inhoud:

Nederlands
Engels
klep,  {zn.}
flap 
klep, vizier {zn.}
peak
visor
klep [v], schuif {zn.}
valve
flap 
stop 
klep {zn.}
peak
klep [m] (de ~) {zn.}
visor
eyeshade
bill
peak
vizor
klep {zn.}
valve
klep [m] (de ~) {zn.}
lid
aflopen, beieren, galmen, kleppen, luiden, schalmen, overgaan {ww.}
to peal
to ring 
to clang
to sound 
to toll

ik klep

I peal
» meer vervoegingen van to peal

gaan, kleppen, klinken, overgaan, slaan {ww.}
to sound 
to strike 
to resound

ik klep

I sound
» meer vervoegingen van to sound

flap [m] (de ~), klep {zn.}
flap
kletskous [m] (de ~), babbelaarster, babbelkous [m] (de ~), kakel, klepzeiker, klessebes, klets [m] (de ~), ouwehoer [m] (de ~), kletskont, kletskop [m] (de ~), kletsmajoor [m] (de ~), kletsmeier [m] (de ~), kletstante, leuteraar, leuterkous, lulmeier, rebbel, teut, teutebel, theetante, wafel, wauwelaar, klep [m] (de ~), ratel [m] (de ~), babbelaar [m] (de ~), kwebbel [m] (de ~), kwek [m] (de ~) {zn.}
blowhard
line-shooter
boaster
bragger
braggart
vaunter
klepperen, kleppen {ww.}
to beat
to flap

ik klep

I beat
» meer vervoegingen van to beat

klepperen, kleppen {ww.}
to brattle
to clack
to clatter

ik klep

I clack
» meer vervoegingen van to clack

babbelen, kakelen, keuvelen, klessebessen, kletsmeieren, kouten, kwebbelen, kwekkebekken, kwetteren, ratelen, rellen, snateren, snappen, parlevinken, tateren, kleppen, kwekken, kletsen {ww.}
to blab
to blabber
to chatter
to clack
to gabble
to gibber
to maunder
to palaver
to piffle
to prate
to prattle
to tattle
to tittle-tattle
to twaddle

ik klep

I blab
» meer vervoegingen van to blab


Gerelateerd aan klep

- vizier - schuif - aflopen - beieren - galmen - kleppen - luiden - schalmen - overgaan - gaan - klinken - slaan - flap - kletskousuitsteeksel - deel - klep - afsluiting - overslag - prater - bewegen - uitklinken