Vertaling van met

Inhoud:

Nederlands
Engels
met, samen met {vz.}
with 
aan, jegens, met, om, op, te, tot, voor, in {vz.}
at 
by 
on 
upon 
over 
jegens, met, tegen, tegenaan, tegenover, versus {vz.}
across from
against 
in exchange for
opposed to
versus
with 
opposite
door, met, per {vz.}
by 
by means of
on 
through 
with 
aan, aangaande, betreffende, met, over, van, in {vz.}
about 
concerning 
for 
of 
over 
regarding
after 
door, uit, vanwege, voor, wegens, met, om {vz.}
because of
for 
for sake of
on account of
owing to
through 
at 


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

God zij met ons.

God be with us.

God zij met ons.

May God be with us.

Kinderen spelen met speelgoed.

Children play with toys.

Laat me met rust!

Leave me alone!

Met douche/ Met badkamer

With shower / With bathroom

En met jou, hoe gaat het met jou?

And you, how are you?

Ik reis liever met de trein dan met de vliegtuig.

I prefer travelling by train to flying.

Houdt ge van vrouwen met grote of met kleine borsten?

Do you like women with large or small breasts?

Met wie spreek ik nu?

Who am I currently speaking to ?

Magda trouwt met een Spanjaard.

Magda marries a Spaniard.

Wil je met me dansen?

Would you like to dance with me?

Ik ben met Pokémon opgegroeid.

I grew up on watching Pokémon.

Hij stopte plotseling met praten.

He suddenly stopped talking.

Kan ik met Pedro spreken?

May I speak to Pedro?

Met wie ben je gekomen?

Who did you come with?


Gerelateerd aan met

samen met - aan - jegens - om - op - te - tot - voor - in - tegen - tegenaan - tegenover - versus - door - per