Vertaling van één per keer
in zijn eentje
één per keer {bw.}
ik keer om
jij keert om
hij/zij/het keert om
ik keer om
jij keert om
hij/zij/het keert om
» meer vervoegingen van omkeren
wederkeren
terugkeren
weeromkomen
wederkomen {ww.}
ik keer terug
jij keert terug
hij/zij/het keert terug
ik kom terug
jij komt terug
hij/zij/het komt terug
» meer vervoegingen van terugkomen
omvergooien
omgooien
omkeren
kantelen {ww.}
ik kantel
jij kantelt
hij/zij/het kantelt
ik gooi omver
jij gooit omver
hij/zij/het gooit omver
» meer vervoegingen van omvergooien
terugkeren
weer gaan
terugtrekken
teruglopen {ww.}
ik ga terug
jij gaat terug
hij/zij/het gaat terug
ik ga terug
jij gaat terug
hij/zij/het gaat terug
» meer vervoegingen van teruggaan
zich herhalen {ww.}
ik keer weder
jij keert weder
hij/zij/het keert weder
ik keer weder
jij keert weder
hij/zij/het keert weder
» meer vervoegingen van wederkeren
zwenken
wentelen
wenden
ronddraaien
omdraaien
draaien {ww.}
ik draai
jij draait
hij/zij/het draait
ik keer
jij keert
hij/zij/het keert
» meer vervoegingen van keren
ik keer toe
jij keert toe
hij/zij/het keert toe
ik keer toe
jij keert toe
hij/zij/het keert toe
» meer vervoegingen van toekeren
pareren
afdraaien {ww.}
ik draai af
jij draait af
hij/zij/het draait af
ik keer af
jij keert af
hij/zij/het keert af
» meer vervoegingen van afkeren
keren
stilleggen
stilzetten
stoppen
stuiten {ww.}
ik houd aan
jij houdt aan
hij/zij/het houdt aan
ik houd aan
jij houdt aan
hij/zij/het houdt aan
» meer vervoegingen van aanhouden
dokken
storten
uitbetalen
uitkeren
voldoen {ww.}
ik betaal
jij betaalt
hij/zij/het betaalt
ik betaal
jij betaalt
hij/zij/het betaalt
» meer vervoegingen van betalen
ik keer
jij keert
hij/zij/het keert
ik keer
jij keert
hij/zij/het keert
» meer vervoegingen van keren
omkeren
ronddraaien
zich omkeren {ww.}
ik draai om
jij draait om
hij/zij/het draait om
ik draai om
jij draait om
hij/zij/het draait om
» meer vervoegingen van omdraaien