Vertaling van hanteren

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
hanteren {ww.}
hanteren {ww.}

ik hanteer
jij hanteert
hij/zij/het hanteert

ik hanteer
jij hanteert
hij/zij/het hanteert
» meer vervoegingen van hanteren

omgaan met, manipuleren, hanteren {ww.}
omgaan met
manipuleren
hanteren {ww.}

ik hanteer
jij hanteert
hij/zij/het hanteert

ik manipuleer
jij manipuleert
hij/zij/het manipuleert
» meer vervoegingen van manipuleren

Ze kon niet omgaan met de angst.
Ze kon niet omgaan met de angst.
Kun jij omgaan met de manier waarop hij zich gedraagt?
Kun jij omgaan met de manier waarop hij zich gedraagt?
omgaan, behandelen, hanteren {ww.}
omgaan
behandelen
hanteren {ww.}

ik behandel
jij behandelt
hij/zij/het behandelt

ik ga om
jij gaat om
hij/zij/het gaat om
» meer vervoegingen van omgaan

Een aangetaste tand/kies behandelen.
Een aangetaste tand/kies behandelen.
We moeten allemaal leren omgaan met deze situatie.
We moeten allemaal leren omgaan met deze situatie.


Gerelateerd aan hanteren

omgaan met - manipuleren - omgaan - behandelenaanwenden