Vertaling van verschoten

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
vallen, verschieten, neervallen, afvallen {ww.}
vallen
verschieten
neervallen
afvallen {ww.}

ik viel af
jij viel af
hij/zij/het viel af

ik viel
jij viel
hij/zij/het viel
» meer vervoegingen van vallen

Laat vallen.
Laat vallen.
Waar gehakt wordt vallen spaanders.
Waar gehakt wordt vallen spaanders.
verschieten {ww.}
verschieten {ww.}

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot
» meer vervoegingen van verschieten

verschieten, tanen, verbleken, bleek worden {ww.}
verschieten
tanen
verbleken
bleek worden {ww.}

ik taande
jij taande
hij/zij/het taande

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot
» meer vervoegingen van verschieten

verkleuren, verschieten, vaal worden {ww.}
verkleuren
verschieten
vaal worden {ww.}

hij/zij/het verkleurde
zij verkleurden
ik verschoot

hij/zij/het verschoot
zij verschoten
ik verschoot
» meer vervoegingen van verschieten

flets, vaal, verschoten, bleek {bn.}
flets
vaal
verschoten
bleek {bn.}
verschieten, vervalen, verbleken {ww.}
verschieten
vervalen
verbleken {ww.}

ik verbleekte
jij verbleekte
hij/zij/het verbleekte

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot
» meer vervoegingen van verschieten

verschieten, verbleken {ww.}
verschieten
verbleken {ww.}

ik verbleekte
jij verbleekte
hij/zij/het verbleekte

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot
» meer vervoegingen van verschieten

schrikken, verschieten {ww.}
schrikken
verschieten {ww.}

ik schrikte
jij schrikte
hij/zij/het schrikte

ik schrikte
jij schrikte
hij/zij/het schrikte
» meer vervoegingen van schrikken

Ik wilde je niet doen schrikken.
Ik wilde je niet doen schrikken.
Wat hij zei, liet me schrikken.
Wat hij zei, liet me schrikken.
verschieten {ww.}
verschieten {ww.}

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot

ik verschoot
jij verschoot
hij/zij/het verschoot
» meer vervoegingen van verschieten



Gerelateerd aan verschoten

vallen - verschieten - neervallen - afvallen - tanen - verbleken - bleek worden - verkleuren - vaal worden - flets - vaal - bleek - vervalen - schrikkendof - verkleuren - reageren - verbruiken