Betekenis van:
accent

accent
Zelfstandig naamwoord
beklemtoning van tonen of maatdelen
the relative prominence of a syllable or musical note (especially with regard to stress or pitch)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
sfeer, stemming; sfeer, stemming van een kunstwerk
special importance or significance

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
meer nadruk op een lettergreep; klemtoon binnen een woord; klemtoon op onderdeel v.e. woord
the relative prominence of a syllable or musical note (especially with regard to stress or pitch)

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
distinctive manner of oral expression

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
spraak typisch voor een streek of plaats; dialect
the usage or vocabulary that is characteristic of a specific group of people

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
voor een regio kenmerkende uitspraak; persoonlijke manier van spreken
the usage or vocabulary that is characteristic of a specific group of people

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

accent
Zelfstandig naamwoord
a diacritical mark used to indicate stress or placed above a vowel to indicate a special pronunciation

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to accent
Werkwoord
nadrukkelijk naar voren brengen
to stress, single out as important

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

to accent
Werkwoord
benadrukken; beklemtonen
put stress on; utter with an accent

Synoniemen

Hyperoniemen

to accent
Werkwoord
kracht, nadruk geven aan
put stress on; utter with an accent

Synoniemen

Hyperoniemen

to accent
Werkwoord
het accentteken plaatsen
put stress on; utter with an accent

Synoniemen

Hyperoniemen