Betekenis van:
instruction

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • het systematisch overbrengen van kennis en vaardigheden
  • the activities of educating or instructing; activities that impart knowledge or skill
"our instruction was carefully programmed"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • opdracht die iemand moet uitvoeren
  • the activities of educating or instructing; activities that impart knowledge or skill
"our instruction was carefully programmed"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • taakomschrijving v.e. docent
  • the profession of a teacher

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • opdracht herkenbaar door computerprogramma
  • (computer science) a line of code written as part of a computer program

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • stuk dat zo'n mededeling of bevel inhoudt
  • a message describing how something is to be done

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • ondersteuning
  • a message describing how something is to be done

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • aanwijzing mbt. handelswijze
  • a message describing how something is to be done

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • onderricht
  • the activities of educating or instructing; activities that impart knowledge or skill
"our instruction was carefully programmed"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • onderwijskunde, onderwijsleer
  • the profession of a teacher

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • pedagogie, opvoedkunde, pedagogiek
  • the profession of a teacher

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

instruction
Zelfstandig naamwoord
  • leraarsberoep, leraarsambt
  • the profession of a teacher

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen