Betekenis van:
ring

ring
Zelfstandig naamwoord
  • sieraad voor om een vinger
  • jewelry consisting of a circlet of precious metal (often set with jewels) worn on the finger
"she had rings on every finger"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • groep gangsters
  • an association of criminals

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • groep criminele jongeren; (boeven)bende
  • an association of criminals

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • dunne houten ring; ring waaromheen iets gespannen wordt
  • a rigid circular band of metal or wood or other material used for holding or fastening or hanging or pulling

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • grote ring waar acrobaten en gedresseerde dieren doorheen springen; grote ring waar acrobaten en gedresseerde dieren doorheen springen
  • a rigid circular band of metal or wood or other material used for holding or fastening or hanging or pulling

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • cirkelvormig ding
  • a rigid circular band of metal or wood or other material used for holding or fastening or hanging or pulling

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • groep van ongure individuen
  • an association of criminals

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

ring
Zelfstandig naamwoord
  • gerinkel
  • a characteristic sound
"it has the ring of sincerity"

Hyperoniemen

ring
Zelfstandig naamwoord
    • the sound of a bell ringing
    "the distinctive ring of the church bell"
    "the ringing of the telephone"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    ring
    Zelfstandig naamwoord
    • gording
    • jewelry consisting of a circlet of precious metal (often set with jewels) worn on the finger
    "she had rings on every finger"

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    Hyponiemen

    ring
    Zelfstandig naamwoord
      • a toroidal shape
      "a ring of ships in the harbor"

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen

      ring
      Zelfstandig naamwoord
        • a platform usually marked off by ropes in which contestants box or wrestle

        Hyperoniemen

        Hyponiemen

        ring
        Zelfstandig naamwoord
          • a strip of material attached to the leg of a bird to identify it (as in studies of bird migration)

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          ring
          Zelfstandig naamwoord
          • kringproces
          • (chemistry) a chain of atoms in a molecule that forms a closed loop

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • een deurbel doen overgaan
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • mbt. een effect
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • reflecteren; weerkaatsen
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • hard en ver klinken
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • telefonisch contact vragen
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • om aandacht roepen
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • van een vogel
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • helder klinken; schel geluid maken
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • dringend vragen om
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • zich bevinden rond
          • extend on all sides of simultaneously; encircle

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • om iets heen zijn
          • extend on all sides of simultaneously; encircle

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • telefoneren naar (iem.)
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • ringelen, ringen
          • attach a ring to the foot of, in order to identify
          "ring birds"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          to ring
          Werkwoord
          • luien, luiden
          • make (bells) ring, often for the purposes of musical edification
          "My uncle rings every Sunday at the local church"

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • galmen
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • galmen
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • doorklinken
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • omringen, omgeven, omleggen
          • extend on all sides of simultaneously; encircle

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • beieren, bommen, luiden
          • sound loudly and sonorously

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • gaan
          • sound loudly and sonorously

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • weerschallen
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • ringen
          • get or try to get into communication (with someone) by telephone

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • weergalmen, nagalmen, naijlen, naklinken, weerklinken
          • ring or echo with sound

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen

          to ring
          Werkwoord
          • insluiten, omsluiten
          • extend on all sides of simultaneously; encircle

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Hyponiemen