Betekenis van:
aansporen

aansporen
Werkwoord
aanzetten tot een bepaalde actie
"Zij werden aangespoord door de menigte om niet op te geven."
aansporen
Werkwoord
stimuleren, aanmoedigen; tot grotere inspanning aanzetten; sommeren; aansporen; aanzetten; bewegen tot; ertoe brengen; aansporen tot iets; onder druk zetten; aansporen
"hij spoorde mij aan om harder te lopen"
"aansporen tot"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen