Betekenis van:
bedienen

bedienen
Werkwoord
  • sacramenten toedienen
"een zieke bedienen"

Hyperoniemen

bedienen
Werkwoord
  • van de aanwezige spijzen een deel gebruiken
"zich van [koffie/broodjes] bedienen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bedienen
Werkwoord
  • (iem.) dienen, helpen
"klanten bedienen"
"iemand op zijn wenken bedienen"

Synoniemen

Hyperoniemen

bedienen
Werkwoord
  • doen functioneren
"een [helikopter/landbouwwerktuig/cirkelzaag] bedienen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bedienen
Werkwoord
  • gebruiken, gebruikmaken van
"zich rijkelijk van iets bedienen"
"zich van [leugens/grove taal] bedienen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bedienen
Werkwoord
  • bestellingen opnemen en opdienen in een restaurant, café enz.

Hyperoniemen

bedienen
Werkwoord
  • eten en of drinken brengen in een horecagelegenheid