Betekenis van:
inspanning

inspanning (de ~ | meervoud inspanningen)
Zelfstandig naamwoord
  • moeite
"een gezamenlijke/gemeenschappelijke inspanning"
"een inspanning leveren"

Hyperoniemen

Hyponiemen

inspanning
Zelfstandig naamwoord
  • de fysieke moeite die men voor iets doet
"De wandeling naar de top van de berg was een hele inspanning."

Voorbeeldzinnen

  1. Met grote inspanning kon het probleem opgelost worden.
  2. Zoveel inspanning kostte het de Romeinse staat te vestigen
  3. Visserij-inspanning
  4. VISSERIJ-INSPANNING — WESTELIJKE WATEREN
  5. Visserij-inspanning/vermogen
  6. Visserij-inspanning (a)
  7. Beperking van de inspanning
  8. VISSERIJ-INSPANNING — OOSTZEE
  9. Visserij-inspanning van 20 vaartuigen
  10. Aangifte van inspanning: gebiedsoverschrijdend vissen
  11. 5 % van de visserij-inspanning
  12. 10 % van de visserij-inspanning
  13. Begin aangifte van inspanning: oversteken van een gebied
  14. Voor die methode moet een referentieniveau voor de visserij-inspanning worden vastgesteld dat gelijk is aan de visserij-inspanning in het jaar 2005.
  15. de ingevulde gegevens in het logboek, met inbegrip van de geregistreerde visserij-inspanning;