Betekenis van:
loten

lot (het ~ | meervoud loten)
Zelfstandig naamwoord
  • deelnamebewijs met nummer v.e. loterij; deelnamebewijs met nummer v.e. loterij; lot voor een loterij
"het winnende lot"
"het grote lot"

Synoniemen

Hyperoniemen

loot (de ~ | meervoud loten)
Zelfstandig naamwoord
  • nieuw uitgelopen twijg
"een nieuwe/jonge loot aan de [politieke] stam"
"het Nederlands en het Gotisch zijn loten van dezelfde stam"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. De middellijn, gemeten in het midden van het stengellid onder de bovenste loot en over de langste as, bedraagt ten minste 5 mm. Dit geldt niet voor wijnstokken verkregen uit loten.
  2. Voorts voorzien de toezeggingen in een vrijstellingsclausule voor afnemers op grond waarvan bestaande directe afnemers van DONG die deelnemen aan de veiling of die gas aankopen bij een trader/groothandelaar aan wie bij de veiling loten werden toegekend, het recht hebben om hun contractuele aankoopverplichting ten opzichte van DONG te reduceren.