Betekenis van:
overlaten

Werkwoord

overlaten
maken dat er iets overblijft, niet compleet opgebruiken
"Wil je een beetje taart overlaten voor vanavond?"
overlaten
erop vertrouwen dat een ander iets doet
"Laat dat maar aan de vakman over."
overlaten
iem. laten zorgen voor
"iemand aan 'zijn lot'/zichzelf overlaten"
"niets aan het toeval overlaten"

Synoniemen

Hyperoniemen

overlaten
overig laten
"een stuk taart overlaten"
"veel/niets te wensen overlaten"

Hyperoniemen

overlaten
over iets heen laten gaan

Hyperoniemen