Betekenis van:
planten

planten
Werkwoord
  • neerzetten; in de bodem zetten
"een piano midden in zijn kamer planten"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

planten
Werkwoord
  • verbouwen; in de grond steken
"een boom in zijn tuin planten"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

planten
Werkwoord
  • (een plant) in de aarde zetten om te laten groeien of bloeien
planten
Werkwoord
  • rechtop op de genoemde plaats doen zitten, rusten, staan

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

planten
Zelfstandig naamwoord
  • een taxonomische groep waarvan de meeste leden uit cellulose bestaande celwanden hebben en aan fotosynthese doen
plant (de ~ | meervoud planten)
Zelfstandig naamwoord
  • elk van stengel en bladeren voorzien gewas dat zijn voedsel uit de aarde opneemt
"inheemse/uitheemse planten"
"een teer plantje"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord