Betekenis van:
rechtsgeding

rechtsgeding
Zelfstandig naamwoord
  • het voeren van een rechtsproces
rechtsgeding (het ~ | meervoud rechtsgedingen)
Zelfstandig naamwoord
  • gerechtelijk proces; proces voor een rechtbank; geschil/pleidooi; rechtszaak; rechtszaak; rechtsgeding; geschil over rechten

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. De uitvoering van de verkoop is echter voor onbepaalde tijd vertraagd wegens een rechtsgeding met SMS over de waardering van de aandelen.
  2. Om een rechtsgeding te vermijden troffen beide partijen een minnelijke schikking, waarbij de sociale zekerheid de achterstandsrente kwijtschold en een herschikking van de betaling van de schuld aanvaardde.
  3. Derhalve stemt deze verbintenis zoveel mogelijk overeen met een volledige verkoop van het aandeel in SMS Demag tegen het afsluiten van het rechtsgeding.