Betekenis van:
rok

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • kledingstuk voor vrouwen
"een wijde/strakke rok"
"een korte rok"

Hyperoniemen

Hyponiemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • schilachtig omhulsel van een bol
"De rokken van een ui."

Hyperoniemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • herenjas met panden; deftige zwarte herenjas; lange jas voor mannen
"heren in rok"
"in rok"

Synoniemen

Hyperoniemen

rok (de ~ | meervoud rokken)
Zelfstandig naamwoord
  • omhulsel van klei om buizen

Hyperoniemen

Rok
Zelfstandig naamwoord
  • naam van een mythische vogel

Hyperoniemen

rok
Zelfstandig naamwoord
  • een voornamelijk vrouwelijk buis- of kegelvormig kledingstuk dat om de taille wordt gedragen en een deel van de benen bedekt

Werkwoord