Betekenis van:
veroorloven
veroorloven
Werkwoord
- ''zich ~'' in staat zijn een bepaalde luxe te genieten
"Hij kon zich niet meer veroorloven op vakantie te gaan."
veroorloven
Werkwoord
- goedvinden; toestaan; veroorloven; permitteren
"je [een korte vakantie/pauze] veroorloven"
"je veroorloven [een dag niet] te [werken]"
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Voorbeeldzinnen
- Ik kan me niet veroorloven om zo'n dure auto te kopen.
- In dit verband heeft het Hof geoordeeld dat een particuliere investeerder die een algemeen of sectoraal structuurbeleid wil voeren waarbij de rentabiliteit op lange termijn bepalend is, zich niet na jaren van aanhoudende verliezen kan veroorloven een kapitaalinbreng te doen die economisch gezien niet alleen duurder blijkt dan liquidatie van de activa, maar bovendien is gekoppeld aan de verkoop van de onderneming, waardoor elk vooruitzicht op winst, ook op langere termijn, verdwijnt [24].
- De communautaire rechter heeft eveneens bepaald dat een particuliere investeerder die een algemeen of sectorieel structuurbeleid wil voeren, waarbij de rentabiliteit op lange termijn bepalend is, zich niet na jaren van aanhoudende verliezen kan veroorloven om een kapitaalinbreng te doen die economisch gezien niet alleen duurder blijkt te zijn dan liquidatie van de activa, maar bovendien is gekoppeld aan de verkoop van de onderneming, waardoor elk vooruitzicht op winst, ook op termijn, verdwijnt.