Betekenis van:
winden

winden
Werkwoord
  • omwikkelen; in zwachtels wikkelen; bandageren
"iets ergens om winden"
"iets ergens op winden"

Synoniemen

Hyperoniemen

winden
Werkwoord
  • een draad of kabel draaiend op een as of klos aanbrengen
"Kan jij dat touw om die paal winden?"
winden
Werkwoord
  • slingeren

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

winde (de ~ | meervoud winden, windes)
Zelfstandig naamwoord
  • bepaalde slingerplant

Hyperoniemen

wind (de ~ | meervoud winden)
Zelfstandig naamwoord
  • ontlasting; wind; scheet; ontsnappende darmgassen; ontsnappende darmgassen
"een wind laten"

Synoniemen

Hyperoniemen

wind (de ~ | meervoud winden)
Zelfstandig naamwoord
  • voelbare horizontale luchtstroming in de dampkring
"het stinkt een uur in de wind"
"een advies/raad in de wind slaan"

Hyperoniemen

Hyponiemen

Werkwoord