Vertaling van bunch

Inhoud:

Engels
Nederlands
bunch, bundle, cluster, sheaf {zn.}
bos  [m]
bundel  [m]
wis
He came bearing a large bunch of flowers.
Hij kwam met een grote bos bloemen.
to bunch, to bunch up, to bundle, to clump, to cluster {ww.}
samenballen

I bunch
you bunch
we bunch

ik bal samen
jij balt samen
wij ballen samen
» meer vervoegingen van samenballen

to bunch, to bunch together, to bunch up {ww.}
samendrommen
opeendringen
samendringen

I bunch
you bunch
we bunch

ik drom samen
jij dromt samen
wij drommen samen
» meer vervoegingen van samendrommen

cluster, bunch {zn.}
ris
rist
tros [m]
band, bevy, gang, bunch, group, pack {zn.}
bende  [v]
troep
group, bunch, squad {zn.}
groep 
groepering [v]
I'd like to join your group.
Ik zou me graag bij jullie groep aansluiten.

Gerelateerd aan bunch

bundle - cluster - sheaf - bunch up - clump - bunch together - band - bevy - gang - group - pack - squadimpact - get together