Vertaling van discuss

Inhoud:

Engels
Nederlands
to discuss {ww.}
bespreken 
discuteren
van gedachten wisselen

I discuss
you discuss
we discuss

ik bespreek
jij bespreekt
wij bespreken
» meer vervoegingen van bespreken

to discuss, to describe, to refer {ww.}
behandelen 
bepraten 
bespreken 

I discuss
you discuss
we discuss

ik behandel
jij behandelt
wij behandelen
» meer vervoegingen van behandelen

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
bespreken
bepraten

I discuss
you discuss
we discuss

ik bespreek
jij bespreekt
wij bespreken
» meer vervoegingen van bespreken

Let's discuss that problem later.
Laten we dat probleem later bespreken.
There is another question too that we must discuss.
Er is nog een vraag die we moeten bespreken.
to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
doornemen

I discuss
you discuss
we discuss

ik neem door
jij neemt door
wij nemen door
» meer vervoegingen van doornemen

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
doorspreken
doorpraten

I discuss
you discuss
we discuss

ik spreek door
jij spreekt door
wij spreken door
» meer vervoegingen van doorspreken

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
nakaarten
napraten
nababbelen

I discuss
you discuss
we discuss

ik kaart na
jij kaart na
wij kaarten na
» meer vervoegingen van nakaarten

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
uitpraten

I discuss
you discuss
we discuss

ik praat uit
jij praat uit
wij praten uit
» meer vervoegingen van uitpraten

to argue, to discuss, to reason about, to reason upon {ww.}
beredeneren

I discuss
you discuss
we discuss

ik beredeneer
jij beredeneert
wij beredeneren
» meer vervoegingen van beredeneren

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
doorpraten

I discuss
you discuss
we discuss

ik praat door
jij praat door
wij praten door
» meer vervoegingen van doorpraten

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
nakaarten

I discuss
you discuss
we discuss

ik kaart na
jij kaart na
wij kaarten na
» meer vervoegingen van nakaarten

to discuss, to hash out, to talk over {ww.}
overleggen

I discuss
you discuss
we discuss

ik overleg
jij overlegt
wij overleggen
» meer vervoegingen van overleggen

to discourse, to discuss, to talk about {ww.}
belichten

I discuss
you discuss
we discuss

ik belicht
jij belicht
wij belichten
» meer vervoegingen van belichten

to discourse, to discuss, to talk about {ww.}
bespreken

I discuss
you discuss
we discuss

ik bespreek
jij bespreekt
wij bespreken
» meer vervoegingen van bespreken

Shall we talk about it over cup of coffee?
Zullen we dit bespreken onder een kop koffie?
I will discuss the question with you in detail.
Ik zal het probleem uitvoerig met je bespreken.

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Let's discuss that problem later.

Laten we dat probleem later bespreken.

Let's discuss the problem with them.

Laten we het probleem met hen overleggen.

There is another question too that we must discuss.

Er is nog een vraag die we moeten bespreken.

I will discuss the question with you in detail.

Ik zal het probleem uitvoerig met je bespreken.


Gerelateerd aan discuss

describe - refer - hash out - talk over - argue - reason about - reason upon - discourse - talk aboutspeak - discourse - discuss - adjudicate - bear on - show - dilate - address