Vertaling van locus

Inhoud:

Engels
Nederlands
locus {zn.}
plaats  [v]
position, locus, posture, situation, stand, attitude {zn.}
positie [v]
houding  [v]
stand
He got an important position in the company.
Hij heeft een belangrijke positie binnen het bedrijf.
dot, period, point, spot, locus, moment, question, full stop, stop {zn.}
punt 
oog  [o]
spikkel
stip
I agreed with him on that point.
Ik was het op dat punt met hem eens.
In the Netherlands, it is the custom that, when during the construction of a house the highest point has been reached and the roof is ready for tiling, the client treats…
In Nederland is het de gewoonte dat, wanneer bij de bouw van een huis het hoogste punt bereikt is en de dakpannen gelegd kunnen worden, de opdrachtgever de bouwvakkers…

Gerelateerd aan locus

position - posture - situation - stand - attitude - dot - period - point - spot - moment - question - full stop - stop