Vertaling van profit

Inhoud:

Engels
Nederlands
to profit, to gain {ww.}
voordeel trekken uit
winst maken
profiteren

I profit
you profit
we profit

ik profiteer
jij profiteert
wij profiteren
» meer vervoegingen van profiteren

to earn, to gain, to win, to profit, to accrue {ww.}
winnen 
verdienen 
behalen 

I profit
you profit
we profit

ik win
jij wint
wij winnen
» meer vervoegingen van winnen

Which team will win?
Welk team zal winnen?
We work to earn money.
We werken om geld te verdienen.
benefit, gain, profit, win, advantage {zn.}
winst 
gewin
verdienste
baat  [v]
gain, profit, advantage, benefit {zn.}
voordeel
winst 
profijt
gewin
belang  [o]
baat  [v]
In basketball, tall players have an advantage.
Lange spelers hebben een voordeel in basketbal.
If you can use gravity to your advantage, do so.
Als je de zwaartekracht in je voordeel kunt gebruiken, doe dat dan.
earnings, lucre, net, net income, net profit, profit, profits {zn.}
nettobedrag [o] (het ~)
earnings, lucre, net, net income, net profit, profit, profits {zn.}
nettowinst [v] (de ~)
earnings, lucre, net, net income, net profit, profit, profits {zn.}
opbrengst [v] (de ~)
rendement [o] (het ~)
vrucht [m] (de ~)
oogst
earnings, lucre, net, net income, net profit, profit, profits {zn.}
voordeel
profijt [o] (het ~)
gain, profit {zn.}
koerswinst
gain, profit {zn.}
winst [v] (de ~)
earnings, lucre, net, net income, net profit, profit, profits {zn.}
winst [v] (de ~)
baten
gewin [o] (het ~)
winstcijfer [o] (het ~)
winstcijfers
baat [m] (de ~)

Gerelateerd aan profit

gain - earn - win - accrue - benefit - advantage - earnings - lucre - net - net income - net profit - profitsamount - earnings