Vertaling van stayed
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik woonde
jij woonde
hij/zij/het woonde
» meer vervoegingen van wonen
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik verwijlde
jij verwijlde
hij/zij/het verwijlde
» meer vervoegingen van verwijlen
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik logeerde
jij logeerde
hij/zij/het logeerde
» meer vervoegingen van logeren
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik logeerde
jij logeerde
hij/zij/het logeerde
» meer vervoegingen van logeren
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik stopte
jij stopte
hij/zij/het stopte
» meer vervoegingen van stoppen
I stayed
you stayed
he/she/it stayed
ik bleef
jij bleef
hij/zij/het bleef
» meer vervoegingen van blijven
Voorbeelden in zinsverband
He stayed in the hotel.
Hij bleef in het hotel.
We stayed overnight in Hakone.
We brachtten de nacht door in Hakone.
We should have stayed at home.
We hadden thuis moeten blijven.
Mary stayed up late last night.
Mary is gisteravond laat opgebleven.
He stayed at his aunt's house.
Hij bleef in het huis van zijn tante.
I stayed indoors because it rained.
Ik bleef binnen omdat het regende.
They stayed at home, because it rained.
Zij bleven thuis omdat het regende.
She stayed there for several days.
Ze verbleef er voor een paar dagen.
We stayed there for three months.
We zijn daar drie maanden gebleven.
He stayed here for a while.
Hij is hier een tijdje gebleven.
He stayed at home all day instead of going out.
Hij is de hele dag thuis gebleven in plaats van uit te gaan.
He stayed at a hotel for a couple of days.
Hij heeft enkele dagen in een hotel gelogeerd.
I stayed at home because I was sick.
Ik bleef thuis omdat ik ziek was.
It rained all day long yesterday, so I stayed home.
Gisteren heeft het de hele dag geregend, dus ben ik thuis gebleven.
I stayed home because I had a bad cold.
Ik ben thuis gebleven, omdat ik zwaar verkouden was.