Vertaling van swallow

Inhoud:

Engels
Nederlands
swallow {zn.}
zwaluw  [v]
One swallow does not a spring make.
Eén zwaluw maakt de lente niet.
One swallow does not make a summer.
Eén zwaluw maakt nog geen zomer.
to swallow, to down {ww.}
slikken
inslikken
doorslikken
slokken
to absorb, to sip, to swallow {ww.}
slurpen
opslorpen
resorberen
opslurpen
to swallow {ww.}
wegslikken
to engulf, to swallow up, to swallow {ww.}
binnenkrijgen
innemen
inslikken
to swallow {ww.}
inslikken
to accept, to live with, to swallow {ww.}
aanvaarden
accepteren
nemen
pikken
vreten
slikken
We accept checks.
We accepteren cheques.
I will accept his request.
Ik zal zijn verzoek accepteren.
sup, swallow {zn.}
slok [m] (de ~)
dronk
deglutition, drink, swallow {zn.}
slikbeweging
to accept, to live with, to swallow {ww.}
verwerken
verteren
to get down, to swallow {ww.}
doorslikken
inslikken
slikken

Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

One swallow does not a spring make.

Eén zwaluw maakt de lente niet.

One swallow does not make a summer.

Eén zwaluw maakt nog geen zomer.

One swallow does not a summer make.

Eén zwaluw maakt nog geen zomer.

It takes more than one swallow to make a summer.

Eén zwaluw maakt de lente niet.


Gerelateerd aan swallow

down - absorb - sip - engulf - swallow up - accept - live with - sup - deglutition - drink - get downget down - allow - amount - abide - change