Vertaling van twine

Inhoud:

Engels
Nederlands
to braid, to plait, to twine, to wreathe {ww.}
vlechten

I twine
you twine
we twine

ik vlecht
jij vlecht
wij vlechten
» meer vervoegingen van vlechten

to enlace, to entwine, to interlace, to intertwine, to lace, to twine {ww.}
verstrengeling [v] (de ~)
to enlace, to entwine, to interlace, to intertwine, to lace, to twine {ww.}
doorvlechten

I twine
you twine
we twine

ik doorvlecht
jij doorvlecht
wij doorvlechten
» meer vervoegingen van doorvlechten

to enlace, to entwine, to interlace, to intertwine, to lace, to twine {ww.}
inrijgen
insnoeren

I twine
you twine
we twine

ik rijg in
jij rijgt in
wij rijgen in
» meer vervoegingen van inrijgen

to enlace, to entwine, to interlace, to intertwine, to lace, to twine {ww.}
ineenstrengelen
verstrengelen

I twine
you twine
we twine

ik strengel ineen
jij strengelt ineen
wij strengelen ineen
» meer vervoegingen van ineenstrengelen

to distort, to twine, to twist {ww.}
werken

I twine
you twine
we twine

ik werk
jij werkt
wij werken
» meer vervoegingen van werken

to roll, to twine, to wind, to wrap {ww.}
omwinden

I twine
you twine
we twine

ik omwind
jij omwindt
wij omwinden
» meer vervoegingen van omwinden

to roll, to twine, to wind, to wrap {ww.}
rollen

I twine
you twine
we twine

ik rol
jij rolt
wij rollen
» meer vervoegingen van rollen

to roll, to twine, to wind, to wrap {ww.}
doorspoelen

I twine
you twine
we twine

ik doorspoel
jij doorspoelt
wij doorspoelen
» meer vervoegingen van doorspoelen

to roll, to twine, to wind, to wrap {ww.}
omwikkelen

I twine
you twine
we twine

ik omwikkel
jij omwikkelt
wij omwikkelen
» meer vervoegingen van omwikkelen

to roll, to twine, to wind, to wrap {ww.}
winden
strengelen

I twine
you twine
we twine

ik wind
jij windt
wij winden
» meer vervoegingen van winden

string, twine {zn.}
pees [m] (de ~)

Gerelateerd aan twine

braid - plait - wreathe - enlace - entwine - interlace - intertwine - lace - distort - twist - roll - wind - wrap - stringinfluence - process - plait - string - decrease - change form - entangle - move - border - turn - enclose - cord