Vertaling van well-covered

Inhoud:

Engels
Nederlands
chubby, well-covered, plump {bn.}
mollig
volslank
to cover, to defilade {ww.}
dekking laten zoeken
to command, to cover, to sweep {ww.}
bestrijken

I covered
you covered
he/she/it covered

ik bestreek
jij bestreek
hij/zij/het bestreek
» meer vervoegingen van bestrijken

to cross, to go beyond, to cover, to pass {ww.}
overlopen
oversteken
overgaan

I covered
you covered
he/she/it covered

ik overliep
jij overliep
hij/zij/het overliep
» meer vervoegingen van overlopen

to protect, to shelter, to cover, to shield {ww.}
beschermen 
beschutten 
behoeden

I covered
you covered
he/she/it covered

ik beschermde
jij beschermde
hij/zij/het beschermde
» meer vervoegingen van beschermen

You have to protect your family.
Je moet je gezin beschermen.
Everyone must protect their own family.
Iedereen moet zijn eigen familie beschermen.
to cover, to overlay, to lag, to plate, to protect, to face, to coat, to back {ww.}
overtrekken
bekleden 

I covered
you covered
he/she/it covered

ik overtrok
jij overtrok
hij/zij/het overtrok
» meer vervoegingen van overtrekken

to comprise, to cover, to encompass, to embrace {ww.}
omvatten 
beslaan 

I covered
you covered
he/she/it covered

ik omvatte
jij omvatte
hij/zij/het omvatte
» meer vervoegingen van omvatten

to govern, to restrain, to cover, to head, to master, to be in charge, to be in charge of {ww.}
besturen 
regeren 
aanvoeren

I covered
you covered
he/she/it covered

ik bestuurde
jij bestuurde
hij/zij/het bestuurde
» meer vervoegingen van besturen

to protect, to cover, to back {ww.}
beschermen 
behoeden

I covered
you covered
he/she/it covered

ik beschermde
jij beschermde
hij/zij/het beschermde
» meer vervoegingen van beschermen

One has to put on a helmet to protect the head.
Men moet een helm opzetten om het hoofd te beschermen.
to go through, to pass through, to cover {ww.}
afleggen 
aflopen 
doorgaan
gaan door

I covered
you covered
he/she/it covered

ik legde af
jij legde af
hij/zij/het legde af
» meer vervoegingen van afleggen

to cover, to wrap up {ww.}
beleggen 
dekken 
bedekken 
toedekken

I covered
you covered
he/she/it covered

ik belegde
jij belegde
hij/zij/het belegde
» meer vervoegingen van beleggen



Gerelateerd aan well-covered

chubby - plump - cover - defilade - command - sweep - cross - go beyond - pass - protect - shelter - shield - overlay - lag - plate