Vertaling van aangepast

Inhoud:

Nederlands
Engels
aangepast, bewerkt {bn.}
adapted
aanpassen, accommoderen {ww.}
to adapt 
to conform
to accommodate 
to gear
to adjust 

ik heb aangepast
jij hebt aangepast
hij/zij/het heeft aangepast

I have adapted
you have adapted
he/she/it has adapted
» meer vervoegingen van to adapt

Hij kon zich niet aan nieuwe omstandigheden aanpassen.
He couldn't adapt to new circumstances.
accommoderen, adapteren, aanpassen, conformeren, aanbrengen {ww.}
to adapt 
to accommodate
to fit 

ik heb aangepast
jij hebt aangepast
hij/zij/het heeft aangepast

I have adapted
you have adapted
he/she/it has adapted
» meer vervoegingen van to adapt

aanpassen, afstemmen, in overeenstemming brengen, rijmen {ww.}
to fit 

ik heb aangepast
jij hebt aangepast
hij/zij/het heeft aangepast

I have fitted
you have fitted
he/she/it has fitted
» meer vervoegingen van to fit

passen, aanpassen {ww.}
to try on
Mag ik deze jurk passen?
May I try on this dress?
"Ik heb verschrikkelijke haast... om redenen die ik niet kan noemen," antwoordde Dima de vrouw. "Laat me alstublieft gewoon dat pak daar passen."
"I'm in a terrible hurry... for reasons I can't say," Dima replied to the woman. "Please, just let me try on that suit there."
accommoderen, schikken, aanpassen, richten, assimileren, plooien, voegen, zich aanpassen, zich schikken {ww.}
to adapt 
to conform
to adjust
to accommodate oneself
to adapt oneself

ik heb aangepast
jij hebt aangepast
hij/zij/het heeft aangepast

I have adapted
you have adapted
he/she/it has adapted
» meer vervoegingen van to adapt

beproeven, passen, aanpassen, proberen, toetsen, uitproberen {ww.}
to try 
to assay
to sample
to prove 
to pilot
to test 
to attempt 

ik heb aangepast
jij hebt aangepast
hij/zij/het heeft aangepast

I have tried
you have tried
he/she/it has tried
» meer vervoegingen van to try

Laat ons iets proberen.
Let's try something.
Ik zal opnieuw proberen.
I will try again.
passen, aanpassen {ww.}
to try on
buigzaam, indulgent, rekkelijk, schikkelijk, aangepast, toegeeflijk, inschikkelijk, coulant {bn.}
clement