Vertaling van gewend

Inhoud:

Nederlands
Engels
gewend, gewoon {bn.}
used to
wont to
wennen, gewennen, zich aanpassen, zich schikken {ww.}
to conform
to adjust
to adapt 
to accommodate oneself
to adapt oneself

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have adjusted
you have adjusted
he/she/it has adjusted
» meer vervoegingen van to adjust

draaien, keren, omdraaien, ronddraaien, wenden, wentelen, zwenken {ww.}
to whirl
to revolve 
to turn around
to turn round
to turn 

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have whirled
you have whirled
he/she/it has whirled
» meer vervoegingen van to whirl

endosseren, gireren, wenden {ww.}
to transfer
to endorse

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have transferred
you have transferred
he/she/it has transferred
» meer vervoegingen van to transfer

wenden, keren {ww.}
to turn

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have turned
you have turned
he/she/it has turned
» meer vervoegingen van to turn

wenden, bepalen, keren, richten, vervoegen {ww.}
to turn to
to address

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have addressed
you have addressed
he/she/it has addressed
» meer vervoegingen van to address

wenden {ww.}
to wear round
to tack

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have tacked
you have tacked
he/she/it has tacked
» meer vervoegingen van to tack

wennen, gewennen {ww.}
to habituate
to accustom

ik heb gewend
jij hebt gewend
hij/zij/het heeft gewend

I have habituated
you have habituated
he/she/it has habituated
» meer vervoegingen van to habituate


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Ik ben eraan gewend.

I'm used to it.

Ik was gewend aan de hitte.

I was accustomed to heat.

Zij is gewend laat op te blijven.

She is used to staying up late.

Ben je al gewend aan Japans eten?

Have you gotten used to eating Japanese food yet?

Ik was gewend om bier te drinken.

I used to drink beer.

Ik ben gewend aan een koud klimaat.

I am accustomed to cold weather.

We zijn het gewend om schoenen te dragen.

We are accustomed to wearing shoes.

Je zult snel gewend zijn aan het stadsleven.

You will soon be used to living in a big city.

Je zal binnenkort gewend zijn aan Japans voedsel.

You will soon get used to Japanese food.

Ben je gewend geraakt aan het leven in de slaapzaal?

Have you gotten used to living in the dorm?

Ik ben het gewend 's avonds laat op te blijven.

I am used to staying up late at night.

Maar ik raak er wel aan gewend weer blond te zijn.

But I'll get used to being blonde again.

Jim is het nog niet gewend van aan de linkerkant van de weg te rijden.

Jim is not yet used to driving on the left side of the road.