Vertaling van geduld

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
geduld [o], lijdzaamheid [v] {zn.}
geduld [o]
lijdzaamheid [v] {zn.}
Mijn geduld raakt op.
Mijn geduld raakt op.
Bedankt voor je geduld.
Bedankt voor je geduld.
geduld [o] (het ~) {zn.}
geduld [o] (het ~) {zn.}
Onderwijzen vraagt veel geduld.
Onderwijzen vraagt veel geduld.
Geduld is een schone zaak.
Geduld is een schone zaak.
verdragen, uitstaan, uithouden, harden, dulden, doorstaan {ww.}
verdragen
uitstaan
uithouden
harden
dulden
doorstaan {ww.}

ik heb doorstaan
jij hebt doorstaan
hij/zij/het heeft doorstaan

ik heb verdragen
jij hebt verdragen
hij/zij/het heeft verdragen
» meer vervoegingen van verdragen

Ik kan het niet meer uithouden.
Ik kan het niet meer uithouden.
Ik kan de pijn niet meer uitstaan.
Ik kan de pijn niet meer uitstaan.
verdragen, velen, aanzien, pikken, tolereren, toelaten, dulden {ww.}
verdragen
velen
aanzien
pikken
tolereren
toelaten
dulden {ww.}

ik heb aangezien
ik had aangezien
ik zal aangezien hebben

ik heb verdragen
ik had verdragen
ik zal verdragen hebben
» meer vervoegingen van verdragen

Ik kan dit geluid niet langer tolereren.
Ik kan dit geluid niet langer tolereren.
Velen verloren hun huis na de aardbeving.
Velen verloren hun huis na de aardbeving.
dragen, verdragen, velen, incasseren, harden, verduren, gedogen, dulden {ww.}
dragen
verdragen
velen
incasseren
harden
verduren
gedogen
dulden {ww.}

ik heb gedragen
jij hebt gedragen
hij/zij/het heeft gedragen

ik heb gedragen
jij hebt gedragen
hij/zij/het heeft gedragen
» meer vervoegingen van dragen

Velen zijn geroepen, slechts weinig uitverkoren
Velen zijn geroepen, slechts weinig uitverkoren
Uit velen één", "Eenheid uit veelheid
Uit velen één", "Eenheid uit veelheid
laten, tolereren, toelaten, dulden {ww.}
laten
tolereren
toelaten
dulden {ww.}

ik heb geduld
ik had geduld
ik zal geduld hebben

ik heb gelaten
ik had gelaten
ik zal gelaten hebben
» meer vervoegingen van laten

Laten we haar alleen laten.
Laten we haar alleen laten.
Laten we het daarbij laten voor nu.
Laten we het daarbij laten voor nu.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Nederlands

Mijn geduld raakt op.

Mijn geduld raakt op.

Bedankt voor je geduld.

Bedankt voor je geduld.

Onderwijzen vraagt veel geduld.

Onderwijzen vraagt veel geduld.

Geduld is een schone zaak.

Geduld is een schone zaak.

Tracht geduld op te brengen met anderen.

Tracht geduld op te brengen met anderen.

Hij was het geduld in persoon.

Hij was het geduld in persoon.

Je hebt zo weinig geduld met me.

Je hebt zo weinig geduld met me.

Met een beetje meer geduld zou je deze puzzel opgelost kunnen hebben.

Met een beetje meer geduld zou je deze puzzel opgelost kunnen hebben.


Gerelateerd aan geduld

lijdzaamheid - verdragen - uitstaan - uithouden - harden - dulden - doorstaan - velen - aanzien - pikken - tolereren - toelaten - dragen - incasseren - verdurengemak - dulden - toestaan