Vertaling van ontglippen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
uitschieten, wegglippen, ontglippen {ww.}
uitschieten
wegglippen
ontglippen {ww.}

ik ontglip
jij ontglipt
hij/zij/het ontglipt

ik schiet uit
jij schiet uit
hij/zij/het schiet uit
» meer vervoegingen van uitschieten

ontsnappen, ontvluchten, ontglippen, wegkomen, ontslippen {ww.}
ontsnappen
ontvluchten
ontglippen
wegkomen
ontslippen {ww.}

ik ontglip
jij ontglipt
hij/zij/het ontglipt

ik ontsnap
jij ontsnapt
hij/zij/het ontsnapt
» meer vervoegingen van ontsnappen

Hij slaagde erin om te ontsnappen.
Hij slaagde erin om te ontsnappen.
Zijn poging tot ontsnappen was geslaagd.
Zijn poging tot ontsnappen was geslaagd.
ontsnappen, voorbijgaan, ontglippen, ontgaan {ww.}
ontsnappen
voorbijgaan
ontglippen
ontgaan {ww.}

ik ontga
jij ontgaat
hij/zij/het ontgaat

ik ontsnap
jij ontsnapt
hij/zij/het ontsnapt
» meer vervoegingen van ontsnappen

Water kun je drinken, maar je kunt er ook aan voorbijgaan.
Water kun je drinken, maar je kunt er ook aan voorbijgaan.
Ik denk dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat we uit deze gevangenis zullen kunnen ontsnappen.
Ik denk dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat we uit deze gevangenis zullen kunnen ontsnappen.


Gerelateerd aan ontglippen

uitschieten - wegglippen - ontsnappen - ontvluchten - wegkomen - ontslippen - voorbijgaan - ontgaanvluchten - missen