Vertaling van ontladen

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
ontladen {ww.}
ontladen {ww.}

ik ontlaad
jij ontlaadt
hij/zij/het ontlaadt

ik ontlaad
jij ontlaadt
hij/zij/het ontlaadt
» meer vervoegingen van ontladen

afschieten, ontladen {ww.}
afschieten
ontladen {ww.}

ik schiet af
jij schiet af
hij/zij/het schiet af

ik schiet af
jij schiet af
hij/zij/het schiet af
» meer vervoegingen van afschieten

ontladen {ww.}
ontladen {ww.}

ik ontlaad
jij ontlaadt
hij/zij/het ontlaadt

ik ontlaad
jij ontlaadt
hij/zij/het ontlaadt
» meer vervoegingen van ontladen

leeg, ontladen {bn.}
leeg
ontladen {bn.}
lossen, uitladen, ontladen {ww.}
lossen
uitladen
ontladen {ww.}

ik los
jij lost
hij/zij/het lost

ik los
jij lost
hij/zij/het lost
» meer vervoegingen van lossen

Ik probeerde het probleem op te lossen.
Ik probeerde het probleem op te lossen.
Hij slaagde erin het probleem op te lossen.
Hij slaagde erin het probleem op te lossen.
lossen, uitladen, ontladen {ww.}
lossen
uitladen
ontladen {ww.}

ik los
jij lost
hij/zij/het lost

ik los
jij lost
hij/zij/het lost
» meer vervoegingen van lossen

Ik had moeite dit probleem op te lossen.
Ik had moeite dit probleem op te lossen.
Dit is de beste manier op dat probleem op te lossen.
Dit is de beste manier op dat probleem op te lossen.


Gerelateerd aan ontladen

afschieten - leeg - lossen - uitladenontdoen - uiten - weghalen - leegmaken